Principes

woensdag 17 mei 2017


Wie op instagram volgt had het al door. Ik heb weer een nieuw project. Een paar maanden geleden kwam Bea Johnson, de zero-waste-koningin op bezoek in de lage landen. Ondertussen was in Vlaanderen de vierde "Dagen-Zonder-Vlees" volop aan de gang. Traditioneel het moment waarop ik een nieuw principe uitkies, dat ik in mijn leven wil integreren. In 2014 was dat "vegetarisch", een levensstijl waar de Jongste en ik sindsdien niet meer van afweken. Een jaar later maakte ik er werk van om meer biologische, fairtrade en lokale voedingsmiddelen op het menu te zetten, wat we tot de dag van vandaag nog steeds doen. Vorig jaar deden we een mini-veganistisch experiment. Op dat moment overwoog Dochter veganistisch te gaan eten en ondertussen is zij de die-hard veganista in huis.  Die interviews met Bea op dat moment, waren een teken aan de wand. Ik moet er toch maar eens voor gaan: voor de pittigste uitdaging van allemaal: afvalloos. Daar ben ik nog lang zoet mee. In de praktijk zal het eerder afvalarm heten, maar een mens met principes moet gaan voor de idealen, vind ik. 
Zij die hier al langer meelezen, zagen hoe ik met vallen en opstaan leerde naaien en besmet werd door de recykleermicrobe die zij over blogland uithoestte. Hoe ik samen met deze twee dames een eerlijke kleerkast in elkaar timmerde en Fair Wear Friday op jullie losliet. Hoe ik als een kleine kleuter steeds sta te gillen "Zelluf Doen!" en zo langzaamaan leer wat ik nog niet kon: breien met de pronte priemen, fotograferen bij Piet, tuinieren met de moestuinbijbel van Mme Zsazsa in de hand of 14 kilo afvallen met coach Lien schreeuwend aan de zijlijn.  Hoe we een ruilbib installeerden voor onze deur.  Met momenten lijkt het wel pure chaos op dit webstekje (welkom in mijn leven!). Standvastig bloggen over 1 bepaald thema zit er bij mij niet in, daarvoor moet je aan de deur van mijn blogburen aanbellen. Maar kijk: dit nieuwe project lijkt het één met het ander te verbinden en stilaan krijgt de "Villa" een duurzaam tintje. 

Supermarché
De eerste warme lentedag van het jaar. 28 graden geeft de thermometer in mijn auto aan. Ik ben onderweg om Jongste op school op te pikken en naar haar theaterlessen te brengen.   Ik beslis nog snel even een vieruurtje in de supermarkt te halen, zodat haar grommende maag zo meteen haar eigen koningsspeech niet overstemt. Als de supermarktdeuren voor mijn voeten wegschuiven besef ik, dat ik al maanden niet meer een gewone supermarkt binnengelopen ben.  Een bedwelmende geur van plastic nestelt zich in mijn neusgaten en kruipt in mijn poriën als ik langs de rekken met kleurige flesjes en pakjes mooi in het gelid wandel. Gek, het was me nooit eerder opgevallen dat er zo'n vreemde geur hangt in supermarkten. Terwijl ik bedenk wat ik hier in godsnaam nog kan kopen zonder mijn nieuwe principe te verloochenen, staar ik vol verbijstering naar de rijen koeken die individueel, per drie en nog eens per 12 verpakt zitten. Naar de schaaltjes met wafels in een zakje.  Op naar de afdeling groente en fruit dan maar. Een komkommer? Nope, die heeft een plastic jasje aan. De snoeptomaatjes in een emmertje vallen ook af. Bananen dan? Maar waarom zitten die bio- en fairtrade bananen in een plastic zak en de Chiquita's niet? Kan iemand mij daar een zinnig antwoord op geven? Ik laad wat appelen in het stoffen zakje dat ik uit mijn handtas vis. Bij de kassa neem ik 2 magnums uit de diepvries, ijsjes mét zilveren vestjes. In noodgevallen en bij bijna 30 graden zijn principes er om overtreden te worden.



Tip:  
Verzamel alle stoffen zakjes die je maar kan vinden, bewaar ze steeds als je er krijgt. Kies thuis een lade of een mand waarin je alle boodschappentassen en stoffen zakken in alle mogelijke maten verzamelt. Neem altijd een set stoffen zakjes mee als je de deur uitgaat. Zo kan je overal (bij de bakker, de supermarkt, op de markt, in de boerderijwinkel, de kruidenier....) zakjes weigeren en je eigen zakjes gebruiken. Handig zijn vooral de zakjes die je kan sluiten. 
Bij KudzuKlein Spook en in de verpakkingsloze winkels kan je zulke zakjes kopen.

Zakjes kan je niet genoeg hebben, ik maak ze meestal zelf. Enkele simpele ideeën en patronen:
  • zakjes uit een oude kussensloop, keukenhanddoeken of restjes stof.
  • draagtasje uit een oud topje: stik de onderkant dicht
  • Zsazsazakjes 
  • Knikkerzakjes zoals bij Miekk. Die kan je sluiten met een touwtje, een voering hoeft niet.
  • Stroptasjes van Kelly.
  • Herbruikbare boodschappentasjes zoals dat van Riet bijvoorbeeld.
  • Die goeie ouwe boodschappentasjes van eloleo
  • De Zuster legt uit hoe je herbruikbare groente - en fruitzakjes uit oude gordijnen stikt.

Paardebloemzalf

woensdag 3 mei 2017

Een week of 4 geleden was onze hele tuin plots bezaaid met paardebloemen. Tijd om met de bladeren de sla te pimpen en om bloemen te plukken om zalf te maken. Paardebloem heeft namelijk heel wat geneeskrachtige eigenschappen. Omdat Lief de laatste tijd nogal naarstig met zijn handen aan het werk is om ons tuinhuis te verbouwen, kreeg hij dit potje cadeau. De zalf is goed tegen een droge huid en helpt bij pijnlijke spieren en gewrichten (ook tegen reumapijnen). Hand- en lichaamszalf, Perfect cadeautje voor de vlijtige "werkmens"! 


Dit heb je nodig:
paardebloemen, de bloempjes
250 ml amandelolie (bio)
30 gram kokosolie (bio)
30 gram bijenwas
10 druppeltjes essentiële olie van lavendel, zilverspar of pepermunt (optioneel)
een schone bokaal
een zeef
een pannetje
water

Zo maak je het:
Pluk paardebloemen in de voormiddag als ze goed open gekomen zijn en kies een plek waarvan je zeker bent dat die niet bespoten is met pesticides. Was de bloemhoofdjes voorzichtig en dep ze droog. Spreid ze uit op een plateau met een keukenhanddoek erop en laat ze 3 dagen drogen op een warme, droge plek.

Doe de gedroogde bloemhoofdjes in de bokaal (zorg dat die goed proper is) tot de bokaal ongeveer 3/4 vol is. Giet de amandelolie over de bloemetjes tot die goed onderstaan. Zet de pot weg op een donkere, droge plek. Ik zette hem in een keukenkastje dat ik vaak gebruik, zodat ik de pot niet zou vergeten.

Schud elke dag eventjes met de pot en doe dat 3 tot 4 weken lang. Op die manier zullen de bloemetjes hun werkzame bestanddelen aan de olie afstaan. Na 3 tot 4 weken is je paardebloemolie klaar.

Giet de olie met de bloemetjes door een zeef. De bloemetjes blijven in de zeef, de olie loopt er nu door. Vang de olie op in een kom en druk alle olie goed uit de bloemetjes, laat goed uitlekken. Was de bokaal goed uit en leg die eventjes in kokend water zodat die weer heel proper en steriel is. De bloemhoofdjes heb je niet meer nodig.

Zet een pannetje met een flinke bodem water op het vuur. doe de paardebloemolie, de kokosolie en de bijenwas in de bokaal en zet de bokaal in de pan. Breng het water aan de kook en roer alles in de bokaal (die nu au-bain-marie staat) goed door elkaar. De was en de kokosolie zullen langzaamaan smelten en zich vermengen met de olie. Blijf goed roeren tot je heldere olie hebt zonder brokken. Haal de bokaal dan uit het pannetje van het vuur en droog goed af. Ik deed er op dit moment nog 10 druppels lavendelolie bij. Schroef het deksel op de pot en laat afkoelen. Tijdens het afkoelen zal je olie langzaamaan harder worden tot je een mooie gele zalf hebt.

Aanvullingen:
  • Je kan deze zalf een 3-tal maanden bewaren op een koele, droge plek.
  • Ik voegde 10 druppels lavendelolie toe. Dit is niet noodzakelijk, maar ik hou wel van de lavendelgeur en lavendelolie helpt pijn te verlichten. Een andere optie is essentiële pepermuntolie. Dat heeft eveneens een typische geur en een pijnverlichtend effect.  Je kan ook voor zilversparolie kiezen, die heilzaam is bij artritis en reumapijnen. 
  • Als je vindt dat jouw zalf niet stevig genoeg is, kan je dat de volgende keer aanpassen door de hoeveelheid bijenwas te verhogen. Ik vind dat de structuur van mijn zalfje helemaal perfect geworden is. 
  • Hoeveel paardebloemen je nodig hebt is moeilijk in te schatten. Ik plukte er flink wat, als ik ze op mijn plateau uit elkaar legde, lag de bodem vol en de gedroogde bloempjes pasten net in mijn confituurbokaal.

Herbruikbare wattenschijfjes

maandag 1 mei 2017



Wattenschijfjes haal ik niet meer in huis. Ze zijn gemaakt van katoen en laat dat nu een erg vervuilend product zijn. Om een kilo katoen te telen is er gemiddeld 10.000 liter water nodig (meer hier ), gigantisch veel alleszins. Katoen wordt gebruikt om kleding én om wattenschijfjes te maken. Die laatste mikken we na een paar keer vegen recht de vuilbak in. Dat kan ook anders. Een lekker ouderwets washandje doet de truc net zo goed, maar soms wil ik me wel "in stijl" ontschminken en daarom zette ik me (eindelijk) eens aan mijn naaimachine om deze herbruikbare wattenschijfjes te naaien. Net als de joggingbroek stond dit al een eeuwigheid op mijn lijstje.


Ontschminken, in het wasnetje gooien, uitwassen, hergebruiken en *repeat*. Ik gebruikte voor deze schijfjes een restje wafelkatoen en een restje flanel. Beiden zijn overschotjes van vorige naaiprojectjes én ik vond ze tweedehands op de rommelmarkt.

Zo maak je deze schijfjes
Teken met een passer een cirkel op de stof (dit is de grootte van je schijfje). Teken een tweede cirkel die net 1 cm groter is (dit is je naadwaarde) en knip op de buitenste lijn uit.
Knip zo 2 schijfjes uit flanel en 1 uit wafelstof.
Leg de 3 lagen op elkaar en stik op de lijn zodat je 1 cm naadwaarde hebt. Laat een stukje open.
Maak kleine knipjes in de naadwaarde helemaal rond.
Keer het schijfje door het gat.
Naai het schijfje met de hand dicht met een onzichtbare steek.

Het fijne is dat de schijfjes 3 lagen en zo een goed volume hebben. Ze hebben één zachte kant en één met "scrubeffect".  Het schijfje kan je bevochtigen met water, of een zelfgemaakte ontschminker.


Deze ontschminker maak je zelf en kan je zowel voor je gezicht als voor je ogen gebruiken en is ongeveer 3 weken houdbaar, dus maak niet teveel in 1 keer.

Dit heb je nodig:
50 ml amandelolie
50 ml rozenwater
1 theelepel vitamine E

Zo maak je het:
Neem een schoon flesje, steriliseer het door het enkele minuten in kokend water te leggen. Giet alle ingrediënten in het flesje. Schud alles goed door elkaar. Je merkt meteen dat het water en de olie zich steeds weer opsplitsen. Voor gebruik schud je het flesje goed en dan is alles weer goed gemengd.

Meer zelfgemaakte wattenschijfjes vind je bij MiekKellyAnnelies en Eva

Hemdje & Fair Wear Friday 13

vrijdag 21 april 2017

Het is niet dat ik dat Fair Wear Friday project op de blog schromelijk verwaarloos, dat ik dat in het echte leven ook doe, integendeel. 3 jaar na de lancering van Fair Wear Friday ben ik nog steeds hondstrouw aan mijn 10 geboden. Nu de Fashion Revolution Week voor de deur staat, leek me dat een perfect moment om een strik rond dat Fair Wear Friday-project te draaien, mijn buik in te trekken en nog eens ... *ademt diep in* ... zelf voor die cameralens te kruipen. Met die nieuwe "lijn" en een fotograferende Dochter in de buurt heb ik niet eens meer een smoes om dat niet te doen *dju toch*!
Mijn kleerkast schreeuwt ondertussen om zomers gerief in de juiste maat, dus naai ik de laatste tijd ook al eens iets voor mezelf. Een bloesje uit een mannenhemd bijvoorbeeld.


Voor: een mannenhemd Extra Large
Na: een bloesje zonder mouwen



Wat heb je nodig?
Een mannenhemd, hoe groter hoe beter! Maat xl tot xxl of zo. Een hemd dat iemand anders niet meer wil, maar dat jij echt leuk vindt: omwille van de stof, de details, de print. Controleer wel of de kwaliteit van je stof nog goed genoeg is. Je wil niet dat je bloesje na enkele weken uit elkaar scheurt.

Hoe doe je dat?
1. Leg het mannenhemd vlak voor je op tafel
2. Beslis welke details je wil houden. Bij dit hemd was dat best veel: het lintje op de rug, de kraag,  de zakjes en het knopenpat.
2. Knip de mouwen van het hemd, net naast de naad. Als je aanpassingen wil doen aan de hals,  de bovenkant, de schouders van het bloesje knip je ook de schoudernaden open.
3. Leg een patroon van een hemdje of een bestaand, goed passend bloesje op het hemd.
4. Teken de juiste vorm van je hemdje op de binnenkant van je stof, teken daarna overal 1 cm naadwaarde aan en onderaan 1,5 cm.
5. Knip rondom rond, behoud overal de naadwaarde.
6. Zet daarna de hals in elkaar zoals je dat wil. Doe hetzelfde met de schouders. Stik de hals en de schoudernaden. Voor dit bloesje hield ik daar bovenaan alles zoals het was, dus kon ik deze stap overslagen.
7. Naai biaislint aan de openingen van de armsgaten.
8. Drieg het hemd in elkaar aan de zijnaden en beslis waar je je hemd nog moet aanpassen. Ik stikte bijvoorbeeld nepen ter hoogte van mijn borsten. De nepen stikte ik dwars door de zakjes die op dezelfde plek zitten. Mij stoort dat namelijk niet, ik vind dat net tof zo.
9. Stik en overlock of zigzag de zijnaden.
10. Zoom het hemdje om met een rolzoom
Klaar!


Tips
  • Recykleren is geen exacte wetenschap: het is vooral durven, puzzelen, improviseren, logisch nadenken en je plan trekken. Daarom vind ik  het ook zo leuk om te doen.
  • Behoud zeker de details die je tof vind.
  • Een bestaand patroontje is handig. Je kan het dan op je hemd leggen en aanpassen waar nodig. Dat aanpassen zal je wel moeten doen, aangezien een hemd nu eenmaal geen grote lap stof is en in combinatie met een patroon toch wel wat beperkingen heeft. Het patroon van "Alice blouse" uit La Maison Victor van juli-augustus 2015 is een goede basis voor het bovenstaande goocheltrucje.
  • Tussendoor vaak passen en aanpassen waar nodig is de vuistregel!
  • Af en toe eens de mist ingaan hoort erbij. Aan dit hemd ging een versie vooraf die finaal de soep indraaide. Troost je met de gedachte dat je er veel uit geleerd hebt. Schrijf je blunders en aanpassingen op voor de volgende keer. En bovendien: als je werkt met een hemd dat iemand anders sowieso wilde weggooien is die mislukking al meteen minder rampzalig. De resten van de hemden en van de mislukkingen gebruik ik wel eens als alternatief inpakpapier, of voering voor een ritstasje.

En die Fair Wear Friday? Had ik die nu niet beloofd daarstraks? 




Bloesje: Zelf gemaakt uit een afgedankt mannenhemd
Broek: Uit de kleerkast van Dochter, voor haar net iets te groot, voor mij net gepast nu. Handig als je kleding kan delen zeg!
Vestje: Het absolute lievelingsstuk uit mijn kleerkast op dit moment. Het is gemaakt uit donkerblauw leder en van Claudia Sträter. Leder probeer ik te vermijden, maar voor een vestje of voor schoenen maak ik al eens een uitzondering. Dit lederen vestje mocht ik van mezelf kopen aangezien ik het tweedehands vond, bij D'Makk in Herselt. Een pracht van een winkel boordevol vintage schatten: kledij én meubels. Een heerlijke plek, die in een recordtempo uitgroeide tot favoriete coulisse voor de vrijdagse borrel met collega's. Uit nieuwsgierigheid checkte ik ook het merk en las dat Claudia Sträter sinds 2015 ook lid is van de Fair Wear Foundation.
Schoenen: De sandalen kocht ik vorige zomer bij Mieke in Gent. Mieke zet fairtrade en duurzaamheid bovenaan haar prioriteitenlijst en heeft een prachtige collectie. Hier kan je  mijn espadrilles van Naguisa bewonderen, ze werden gemaakt in Spanje. Dus bring it on: die zon!


Meer Fair Wear Friday vinden jullie vandaag bij: 
Check zeker ook op instagram #fairwearfriday.
De geweldige foto's bij dit blogje maakte de Dochter.

Dit is een niet-gesponserde blogpost. 
Oproep: Volgende week is het Fashion Revolution Week. Bestook jij ook je favoriete merken met de vraag #whomademyclothes? Of post je jouw eerlijke outfit onder #fairwearfriday?

Joggingbroek

woensdag 19 april 2017


2 jaar... zo lang staat de joggingbroek voor het Lief al op mijn "to-sew"-lijst. Den duts! Hij vraagt al sinds Zoon deze broek kreeg of ik er ook zo één voor hem wil maken. Waarom het zo lang duurde? Misschien was het gewoon omdat hij - net zoals ik - nu zo'n 13 kilo minder weegt en een flinke kledingmaat of 2 gezakt is? Chance-ke dus eigenlijk, mijn getreuzel. Nu kon ik gewoon het patroontje dat ik destijds voor Zoon uittekende op de stof leggen, knippen, stikken en klaar. Dat scheelde een hoop werk!






Stof: jeansblauwe joggingstof van bij de Stoffenstraat
Patroon: Marvin - joggingbroek. La Maison Victor - editie maart -april 2015
Opmerking: Volgende keer de broekzakken dieper maken!
  


Maleficent

maandag 13 maart 2017




Nog 100 dagen, dan slaat ze haar vleugels uit. Ondertussen is ze al naarstig op zoek naar een nieuw rijk waar ongetwijfeld boeiende mensen op haar pad zullen komen. Die laatste 100 dagen vierde zij samen met haar klasgenoten in Disneystijl. Aan het Maleficentkostuum knutselde ze een hele week lang: met veel geduld maakte zij de hoorns, de kraag en oefende ze haar make-up. Ondertussen stikte ik een cape voor haar in elkaar. Teamwork!

Kostuuminspiratie deden we op bij Breanna
Gratis patroon voor de cape : Fleecefun, ik stikte wel een voering in de volledige cape.
Voor hoorns en kraag gebruikte Dochter: zwarte duct tape, zwarte stof, karton, ijzerdraad, tekenpapier. 
De zwarte stof voor de cape komt van bij stoff.be
voor de nachtblauwe voering gebruikte ik een rest verduisteringsgordijn. 


Laat niemand ooit jouw vleugels stelen!


Housewarming

donderdag 16 februari 2017

Zij kocht een huis, trok erin met haar Lief en het schattigste hondje ooit. Wij, de collega's, mochten dat nieuwe stekje mee gaan opwarmen. Wat neem je mee naar zo'n housewarming? Een warm deken, toch?




- om met zijn 3'tjes onder te kruipen na een fikse winterwandeling
- om 's nachts over je heen te trekken en buiten naar de sterren te kijken
- om onder te knuffelen
- om langs de oevers van de Nete te piknicken
- om verstoppertje te spelen samen met N.
- om een kamp mee te bouwen
- om in je ééntje onder te kruipen met een goed boek
...




Een warme thuis, L!

Patroon: Cozette
Hoeken: Jo
Stoffen: uit een gekregen voorraad.

Vegan broodpudding

zondag 5 februari 2017

Sinds de Dochter de vegan-tour opging, zoeken we naar veganistische alternatieven voor enkele toprecepten hier in huis. Broodpudding is zo één van de klassiekers. Omdat Dochter er graag van meesmult en ik de resten oud brood zo wegwerk, ging ik op zoek naar een goed veganistisch recept. Het vroeg wat tijd, geëxperimenteer en enkele mislukte puddingen, maar de aanhouder wint. Ik klop trots op mijn borst nu ik jullie hier mijn vegan broodpudding kan voorschotelen.



Dit heb je nodig: 
ongeveer 250 / 300 gram oud brood
50 gram amandelmeel
1 eetlepel bakpoeder
Lotus speculaasjes (of andere vegan speculaasjes of peperkoek - check de ingrediënten!)
3 bananen
3 eetlepels chiazaad
50 ml. water
3 eetlepels kokosolie
3 eetlepels kokosbloemsuiker
700 ml amandelmelk
1 theelepel kaneel
een snuf zout
een handvol gehakte noten (bv: cachewnoten, amandelen, macadamianoten, walnoten ....)  of een handvol rozijnen

Zo maak je het:
Meng in een klein kommetje het chiazaad met het water, roer goed, laat een kwartiertje rusten tot het een gel geworden is.
Verkruimel het brood en de koekjes in kleine stukjes en doe het in een grote kom. Voeg daar het amandelmeel en het bakpoeder aan toe en meng goed. Verwarm de amandelmelk en giet de melk over het brood en de koekjes. Laat alles goed weken en roer regelmatig.
Plet ondertussen in een andere kom de bananen. Smelt de kokosolie in een pannetje en roer de gesmolten olie onder de bananen. Roer de suiker door deze mix. Doe daar de chiagel bij en roer alles goed door elkaar.
Voeg vervolgens het brooddeeg en het bananendeeg bij elkaar en meng die twee goed.  Roer er tenslotte de noten of de rozijnen door. Stort je deeg in een cakevorm en bak de broodpudding in een voorverwarmde oven op 175 graden ongeveer 1 uur lang.  Controleer of de pudding goed gebakken is door er met een vork in te prikken. Laat de broodpudding minstens een half uurtje afkoelen voor je hem uit de vorm haalt. Smakelijk!

Sith happens

woensdag 18 januari 2017


Verhaalverslaafd, een term die op elk lid van ons gezin van toepassing is. 5 leesbeesten, filmliefhebbers en verhalenvertellers onder 1 dak.  Urenlang vertelden we onze kinderen verhalen toen ze klein waren, snel werd dat een wederkerige bezigheid. Urenlang zuigen zij ons nu mee in hun verhalen. Personages en verhalen worden bedacht en komen tot leven aan de afwasbak of aan de grote eettafel, zoals  "Royce en Gertrude" bijvoorbeeld. Verhalen komen voorbijwaaien en gaan weer, andere verhalen vervlechten zich met ons leven. Elke vorm van kritiek op één van die laatste verhalen wordt wel door iemand in het gezin als blasfemie aanzien - de reinste heiligschennis! Een greep uit de verhalen die hier in huis eeuwige roem genieten, gekoesterd en met allerlei objecten aanbeden worden: alles van Roald Dahl en Tolkien, the Hunger Games, Harry Potter, Narnia en Star Wars.






Voor Zoon maakte ik een trui, in Star-wars thema
Stof: Black Marl Brushed - Lebenskleidung (Gots) bij Georgette
Boordstof: Pauli - Leuven
Applicatie: La Barbuda
Patroon: Awesome Oslo - Urban Style by Eva Maria


Nu enkel maar hopen dat er niet te veel sith happens, maar dat "the force is with him" de volgende weken : examentijd!

Vegan driekoningentaart met appelvulling

zondag 8 januari 2017

"Driekoningen, driekoningen ... geef mij ne nieuwe hoed." Dat ik een boon heb voor die oude Kempische bedelzangtradities vertelde ik hier al eerder. Jammer genoeg bleef het dit jaar op 6 januari weer verdacht stil aan onze voordeur. De snoepjes en centjes die ik klaar zette, bleven onaangeroerd. Dus zongen we zelf maar wat, aan de voordeur van onze vrienden. Het dessert hadden we zelf meegenomen: een driekoningentaart, de veganistische versie die snel klaar is. Ik gebruikte appels van onze eigen boom. We bewaarden wat van onze oogst in de herfst voor dit soort appelrecepten.




Dit heb je nodig voor 1 taart:
2 rollen kant-en-klaar bladerdeeg. Let op dat het verse, vegan bladerdeeg is, zoals bijvoorbeeld deze van de ah. Vaak bevat bladerdeeg namelijk roomboter. Lees goed de ingrediëntenlijst.
6 appels (of meerdere kleine, ongeveer een kilo)
Olijfolie
100 gram bruine suiker
een snuf kaneel
1 boon
lotus speculoos koekjes (die zijn blijkbaar vegan, dat lees je ook bij Sara)

Zo maak je het:
Verwarm de oven op 200 graden. Rol het bladerdeeg uit en bekleed een ronde taartvorm met het bladerdeeg op bakpapier. Snijd het overtollige deeg weg. Prik met een vork gaatjes in de bodem. Plet de speculaaskoekjes met een vijzel en strooi de kruimels uit over de bodem zodat die bedekt is. 
Schil de appels, verwijder het klokhuis en snij de appels in partjes. Verwarm een pan op het vuur, doe er een flinke scheut olijfolie in en bak de appels, roer ondertussen met een houten lepel en schud af en toe eens met de pan. Voeg de bruine suiker en kaneel toe, bak nog een beetje verder en roer. Als je graag de taart minder zoet hebt kan je 50 gram bruine suiker of helemaal geen bruine suiker gebruiken. De taart wordt sowieso al gezoet door de speculaasjes. 
Verdeel de gebakken appelstukjes over de bodem met de geplette speculaas.  Verstop de boon in de vulling.
Rol het tweede vel bladerdeeg uit en bedek daarmee de taart, druk de randen goed aan. Snij het overtollige deeg weg. (Daar kan je nog een appelflap mee maken) Prik enkele gaatjes in het midden van het deeg of kerf er met je mes een tekening in.
Bak de taart ongeveer 40 minuten in de oven op 200 graden. Laat afkoelen, bestrooi de buitenkant van de taart met bloemsuiker.  Knutsel een kroon. Wie de boon vindt in zijn stuk taart is de koning van de dag, krijgt de kroon en wordt extra verwend.

Dit recept is gebaseerd op het recept van Niels in het boekje "Zing ze!"  over bedelzangtradities.

Warme sjaal

donderdag 5 januari 2017

Ik wilde ook wel zo'n warme gezellige sjaal én een simpel rechtdoor-ik-moet-niet-teveel-nadenken- breiproject voor bij de haard. Een sjaal, die wil ik ook nog wel antwoordde Jongste toen ze mijn breiplannen vernam. Dus koos zij de wol en breide ik een sjaal voor haar.  Zo gaat dat.








Gelijkaardige sjaals kan je bij JulijaIsabelle en Annick, bewonderen. 
Jongste wilde haar sjaal minder breed en lang.
Ik breide de sjaal altijd rechts, met een enkele draad en zette 50 steken op - breinaalden 6,5.
De wol is Tendenza - Feinstes Baby Alpaca van Lana Grossa
ik kocht de wol bij Wollini in Geel.

Kom trek je sjaal aan, we gaan!



Vleugels

dinsdag 3 januari 2017


“Geef ze een pluim en mensen krijgen vleugels”, hing er vroeger aan het kurken prikbord in de keuken van mijn ouders. De quote van Phil Bosmans viel als maandelijkse spreuk in de brievenbus. Mijn moeder koos een plekje op het prikbord uit en daar bleef de spreuk dan een maand lang hangen. Net zo lang tot de “Bond-Zonder-Naam” een nieuwe bezorgde. Heel soms, als de spreuk in de smaak viel, mocht hij langer blijven hangen.  Vermoedelijk konden mijn ouders deze wel smaken, want hij bleef maandenlang in dat hoekje geprikt en voor altijd in mijn geheugen gegrift.
Ik heb wat met zulke spreuken. Tegenwoordig heten ze “quotes” en ik prik  ze op een virtueel prikbord.  Blijkbaar ben ik niet de enige, want je kan geen sociaal media platform opendoen of ze vliegen rond je oren. Soms denk ik: wat een onzin. Vaak denk ik : “o ja dat klopt! Zo is dat!”.  Maar elke keer porren de oneliners me aan om verder na te denken. Dan zie ik dat je het ook vanuit een heel andere hoek kan bekijken, dat de quote toch te idealistisch of té simplistisch is. Die “ouwe Phil” meende de wijsheid in pacht te hebben, maar op mijn 45ste durf ik die ondertussen in twijfel te trekken.
Volgens mij krijgen mensen namelijk geen vleugels, ze worden ermee geboren.  De ene kreeg, net als een ooievaar, lange en brede vleugels cadeau.  Hij kan veel dragen en stijgt makkelijk op.  De ander kreeg de bonte vleugels van een kolibrie mee. Hierdoor is hij heel actief, snel en erg wendbaar.  Weer iemand anders kreeg vleugels zoals die van een valk: kort en breed waardoor hij doelgericht, snel en krachtig is. Misschien ken je wel iemand met flappende vleugels zoals een kievit, waarmee hij de hele tijd gekke capriolen uithaalt. 
Met zo’n stel vleugels heb je best wat werk, je moet ze wassen, invetten, netjes in de plooi leggen, ze vragen heel wat aandacht en onderhoud. Door voldoende tijd aan je eigen vleugels te besteden, zorg je ervoor dat je vliegt in het leven en blijft drijven als je toch in het water belandt. Soms gebeurt het dat er mensen op je weg komen die je vleugels telkens weer beschadigen, dat je in situaties komt waarin je vleugels het flink te verduren krijgen of dat je vleugels met pek en olie besmeurd worden. Dat is absoluut geen goede zaak. Met beschadigde of besmeurde vleugels is er van vliegen geen sprake meer.  Die personen en situaties moet je in elk geval vermijden. Voor jouw vleugels moet je zelf zorgen, er is niemand anders die dat voor je kan doen. Ernstige vleugelproblemen worden heus niet opgelost als je af en toe eens een pluim van een ander krijgt.
Heeft onze “Phil” dan helemaal ongelijk? Natuurlijk niet, het heeft wel degelijk zin pluimen aan anderen te geven en we zouden het zelfs allemaal meer moeten doen. De pluimen die je in het leven van anderen krijgt, zijn cadeautjes. Ze versterken jouw vleugels, als ze in uitstekende conditie zijn. Zo krijg je een grotere spanwijdte, dan vlieg je veel hoger, zweef je stabieler en rustiger en heb je de tijd om alles te overschouwen tijdens het vliegen. Zullen we van de oneliner van Phil dan toch niet beter een more-liner maken? Zoiets:

Zorg goed voor je eigen vleugels,
en waardeer die van een ander.
Geef dan pluimen aan mensen, 
zo krijgen ze een grotere spanwijdte
Ontvang een pluim met open vleugels,
geniet en vlieg!



Veel geluk in 2017!